Competentie flexibiliteit: hoe train je flexibiliteit?

Astrid Willems aanpassingsvermogen

In deze column leg ik uit wat ik versta onder de competentie flexibiliteit. Vervolgens laat ik zien hoe je flexibiliteit kan vergroten met behulp van een aantal kerninzichten die ik over de jaren heb verzameld.

Flexibiliteit: aanpassen aan constante verandering

De definitie van flexibiliteit is aanpassingsvermogen. Je bent flexibel als je omschakelt naar een veranderde situatie zonder functioneringsproblemen. Met andere woorden: je aanvaardt de situatie zoals die is en je maakt er wat van.

Situaties veranderen aan de lopende band. Sterker nog, je bent zelf een veranderlijke situatie. Je bent een doorlopend proces van celvernieuwing. Verandering is alom aanwezig alleen nemen we de meeste verandering niet waar. In dit artikel laat ik zien hoe wij ten prooi vallen aan onze ‘veranderblindheid’’.

Terugkomend op de competentie flexibiliteit, deze definieer ik als: aanpassingsvermogen aan constante verandering.

Hoe train je aanpassingsvermogen?

Ik heb goed nieuws. Aanpassingsvermogen gaat voor een groot deel vanzelf. Je bent als baby ter wereld gekomen zonder enige kennis van taal. Je kon niet praten, laat staan lezen. Nu lees je dit artikel zonder moeite. Allemaal geleerd. Alsof het niks is. En waarom? Omdat iedereen het deed. Iedereen zat in het Nederlands tegen je aan te kletsen. Was je in China geboren, dan las je nu zonder moeite Chinees.

Dat is aanpassingsvermogen.

Deze gave bezit je nog steeds.

Vertrouw op je onbewuste

Zolang je de tijd en ruimte hebt om met open aandacht informatie op te nemen en op je in te laten werken, past jouw systeem zich aan deze informatie aan. Dankzij de kracht van je onbewuste. Voor het overgrote deel draaien wij op onbewuste processen. Denkkracht staat altijd aan, ook als je je niet inspant.

Belangrijke hersengebieden vertonen activiteit als jij tot rust bent. In de neurologie wordt deze activiteit resting state network, default mode network of task negative network, genoemd. Hersenen zijn altijd actief. Rust is geen stilstand, zoals vaak wordt gedacht.

Zorg voor een goede balans tussen inspanning en ontspanning

Rust is essentieel voor een goed werkend systeem. Als je kijkt naar ons autonome zenuwstelsel dan zie je dat deze uit twee delen bestaat die elkaar aanvullen: je sympathisch en parasympathisch stelsel. Kort gezegd is je sympathicus je gaspedaal en je parasympathicus je oplaadstand.

Er is sprake van een dynamisch evenwicht. Als de een aanstaat, staat de ander uit. Een beetje als een wip. Je springt uit bed en valt in slaap. Iedereen kent dit principe en waarschijnlijk kent iedereen ook het gevoel van disbalans. Bijvoorbeeld niet in slaap kunnen vallen omdat je stresssysteem (sympathicus) te actief is.

Voorkom aanhoudende stress

Het autonome zenuwstelsel maakt weinig onderscheid tussen stressoren. De reactie op een stressprikkel is ‘breng lichaam in gereedheid om te vechten of vluchten’. Met als gevolg dat we door alledaagse prikkels gemakkelijk overprikkeld (of zelfs overspannen) raken. Fysiologisch gezien zijn wij beter in staat korte, intensieve stressprikkels te tackelen dan aanhoudende, gematigde stressprikkels. Aanhoudende, gematigde stressprikkels leiden tot chronische spanning in het lichaam.

In dit artikel lees je meer over hoe je spanning in je lichaam los kan laten.

Dus zo vergroot je flexibiliteit

Laat je niet leiden door wat een ander wel of niet aankan maar luister naar de signalen van je lichaam. Put jezelf niet uit. Je zult zien dat als je fysiologisch in balans bent, je minder geneigd bent tot zorgen en weerstand. Onderzoek wat er binnen je controle ligt. Pas datgene aan waar je invloed op hebt en probeer al het andere los te laten:

  • Vertrouw op je onbewuste
  • Zorg voor een goede balans tussen inspanning en ontspanning
  • Voorkom aanhoudende stress

Succes!

naar alle columns

 

Astrid Willems competentie flexibiliteit

terug naar startpagina